Gepubliceerd op 17 juni 2019

  Leestijd: 8 minuten

Welke financieringsvormen zijn er?

Als iemand ouder wordt of last krijgt van zijn gezondheid, kan er verpleegkundige zorg thuis nodig zijn van een wijkverpleegkundige of verzorgende. Meestal wordt dit vanuit het basispakket van de zorgverzekering vergoed. Maar er zijn meer financieringsvormen. Welke zijn dat en wat betekent dat voor jouw werk als wijkverpleegkundige?

Verpleegkundige zorg thuis kan van korte of lange duur zijn. Als wijkverpleegkundige ben jij degene die indiceert welke zorg nodig is. Er zijn verschillende financieringsvormen die passend zijn bij de situatie van cliënten. Sinds de wetswijziging in 2015 wordt ondersteuning geleverd op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wlz (Wet langdurige zorg), de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) en de Participatiewet.

In het kort de wijzigingen sinds 2015 op een rij voor de Wlz, Zvw, Wmo en Participatiewet.

Welke financieringsvormen zijn er

Bron: Vilans

 

Wanneer bepaal je of er sprake is van financiering uit de Zvw of Wmo?

De afbakening tussen de Wmo en de Zvw wordt bepaald door het wel of niet aanwezig zijn van een geneeskundige context. Verzorging valt onder de Zvw als deze samenhangt met ‘een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop’. Ontbreekt deze dan kan de verzorging onder de Wmo vallen.

Geneeskundige context gaat niet alleen om de aard van de handeling; het gaat om de context van de gesteldheid van de verzekerde, de risico’s die de handeling met zich mee kan brengen voor de gezondheid en de mogelijkheden om via de handeling de gezondheid van de verzekerde te volgen.

Belangrijke verschillen tussen Wmo, Zvw en Wlz:

De plek waar de cliënt woont, is bepalend voor het soort financiering:

  • Wmo-ondersteuning en wijkverpleging zijn mogelijk als de cliënt thuis (=zelfstandig) of in een kleinschalig wooninitiatief woont. Wmo-ondersteuning wordt aangevraagd bij en betaald door de gemeente. Er kan wel een eigen bijdrage worden gevraagd.
  • De Wlz geeft recht om in een zorginstelling te gaan wonen. Bijvoorbeeld een verpleeghuis of een instelling voor gehandicaptenzorg. Verhuizen naar een instelling is niet verplicht: als de omstandigheden goed zijn, kan de cliënt de Wlz-zorg ook thuis krijgen. Wlz-zorg wordt aangevraagd bij het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ). Het zorgkantoor regelt en betaalt de zorg en de cliënt betaalt in dit geval een eigen bijdrage.
  • Wijkverpleging wordt aangevraagd bij een wijkverpleegkundige (thuiszorg)instelling. De zorgverzekeraar betaalt de zorg en de cliënt hoeft geen eigen bijdrage te betalen.

Zorgverzekeringswet (Zvw)

Vanaf 1 januari 2015 wordt ‘verpleging in de wijk’ vergoed uit het basispakket. Verpleging in de wijk is omschreven als ‘zorg zoals verpleegkundigen die plegen te bieden die wordt geleverd in de eigen omgeving van de verzekerde’. Als er sprake is van een geneeskundige context of een hoog risico hierop dan valt de zorg onder de Zvw. Zie hiervoor ook ons artikel ‘Wat is het domein van de wijkverpleegkundige’.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 ondersteunt mensen met een beperking om zo lang mogelijk thuis te kunnen blijven wonen. De gemeente biedt daarbij de ondersteuning die ze nodig hebben. Dit betreft mensen met verstandelijke, lichamelijke of psychische beperkingen, chronisch zieken, ouderen en mensen met psychosociale problemen. Ook mensen die een beroep moeten doen op maatschappelijke opvang, vrouwenopvang of beschermd wonen vallen onder de Wmo.

  • Vanuit de Wmo kan alleen aanspraak worden gemaakt op huishoudelijke hulp bij structurele beperkingen in combinatie met begeleiding.
  • Aanspraak op begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf en vervoer is een maatwerkvoorziening.
  • Gemeenten mogen voor persoonsgebonden budget, algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen een eigen bijdrage vragen.

Zorg thuis

Zorg thuis kan ook onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) vallen. Dit is het geval als er hulp nodig is bij huishoudelijke taken of bij de persoonlijke verzorging wanneer de cliënt niet voldoende zelfredzaam is. In dit geval is het belangrijk dat het niet om geneeskundige context gaat of hoog risico hierop. Dit gaat dan meestal om begeleiding bij ADL-ondersteuning.

NB: Het kan zijn dat de cliënt al wijkverpleging krijgt en ook hulp nodig heeft voor de persoonlijke verzorging. Dan kan de gemeente de wijkverpleging vanuit de Wmo bekostigen om ook de persoonlijke verzorging te doen zodat de cliënt minder hulpverleners in huis heeft. Een eenvoudig voorbeeld is het smeren van boterhammen voor de lunch.

Wet langdurige zorg (Wlz)

De Wet langdurige zorg regelt dat de meest kwetsbare mensen in de samenleving de zorg krijgen die zij nodig hebben met aandacht voor hun individueel welzijn. Het gaat hier om mensen met een blijvende somatische of psychogeriatrische beperking en mensen met blijvende verstandelijke, lichamelijke en/of zintuiglijke beperkingen. Dit zijn:

  • mensen die permanent toezicht nodig hebben om escalatie of ernstig nadeel te voorkomen;
  • mensen die 24 uur per dag zorg in de nabijheid nodig hebben vanwege fysieke problemen of zware regieproblemen;
  • GGZ-cliënten die drie jaar verblijf met behandeling hebben ontvangen vanuit de Zvw en daarna toegang krijgen tot de Wlz.

Voor dit soort langdurige zorg moet een indicatie worden aangevraagd bij het CIZ.

  • Als het CIZ positief indiceert, wordt de zorg vergoed vanuit de Wlz.
  • Als het CIZ negatief indiceert, kan de zorg vergoed worden vanuit de Wmo en Zvw.

Verschillende pakketten: mpt, vpt of pgb

Cliënten die een Wlz-indicatie hebben kunnen ofwel een ‘modulair pakket thuis’ (mpt) ofwel een ‘volledig pakket thuis’ (vpt) krijgen.

Het mpt is voor cliënten die thuis blijven wonen en voldoende mantelzorg hebben om (delen van) het benodigde toezicht of de zorg in de nabijheid over te nemen. Bovendien hebben zij niet alle zorg uit de Wlz-indicatie nodig of willen zij zelf een deel van de zorg inkopen met een persoonsgebonden budget (pgb).

Modulair pakket thuis

De volgende vormen van zorg zijn mogelijk vanuit een mpt, mits ze zijn opgenomen in het zorgprofiel van de cliënt:

  • Verpleging
  • Persoonlijke verzorging
  • Begeleiding (individueel en/of groep)
  • Huishoudelijke hulp (schoonhouden van de woning)
  • Logeeropvang (kortdurend verblijf)
  • Behandeling (individueel en/of groep)
  • Vervoer van en naar behandeling en/of begeleiding

Zorg bij het ‘Verstrekken van eten en drinken’ is niet mogelijk via een mpt. Deze zorg is wel mogelijk via een volledig pakket thuis.

Volledig pakket thuis

Bij een vpt blijft de cliënt thuis wonen en levert éénzorginstelling het volledige pakket zorg. Niet alle zorginstellingen leveren vpt. Welke zorg hieronder valt, staat beschreven in het zorgprofiel dat de cliënt bij de indicatie gekregen heeft. Het kan hierbij gaan om:

  • Persoonlijke verzorging
  • Verpleging
  • Begeleiding individueel of dagbesteding
  • Behandeling individueel of dagbehandeling
  • Vervoer van en naar behandeling
  • Toezicht en bescherming
  • Maaltijden (eten en drinken)
  • Hulp bij de huishouding
  • Nachtzorg en 24–uurs beschikbaarheid
  • Het wassen van beddengoed en linnengoed

Wanneer cliënten een deel van de zorg zelf willen inkopen, kunnen zij een mpt en een persoonsgebonden budget (pgb) aanvragen.

NB Intensieve zorg valt niet altijd onder de Wlz. Het is mogelijk dat een cliënt veel en heel intensieve zorg nodig heeft en toch geen Wlz-indicatie krijgt. Dat geldt als de cliënt:

  • zelf goed kan beoordelen wanneer hulp nodig is en lichamelijk in staat is die hulp op te roepen;
  • en er niet direct een gevaarlijke situatie ontstaat als de cliënt op de hulp moet wachten.

De cliënt kan dan terecht bij de gemeente en/of zorgverzekeraar voor ondersteuning en zorg.

Pgb

Met een persoonsgebonden budget (pgb) vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) kunnen cliënten langdurige, intensieve zorg inkopen. Het Servicecentrum PGB van de Sociale Verzekeringsbank regelt de betalingen op basis van de zorgovereenkomsten die zij met de hulpverleners hebben afgesloten. De cliënt draagt zorg voor de overeenkomsten met zorgverleners en is zelf verantwoordelijk voor het bijhouden van de administratie. Het zorgkantoor kan beslissen of cliënten de zorg beter in natura kunnen krijgen dan via een pgb. In dat geval contracteert de gemeente, het zorgkantoor of de zorgverzekeraar de zorgaanbieders en ondersteuning. Ook regelt de gemeente of het zorgkantoor de administratie daaromheen. Cliënten maken met de zorgaanbieder afspraken over de manier waarop zij zorg en ondersteuning krijgen.

Zorg in natura (ZiN)

Zorg in natura is zorg die de zorgaanbieder voor de cliënt regelt. De zorgaanbieder bepaalt samen met de cliënt hoe de zorg eruitziet en zorgt voor de administratie.

Participatiewet

De Participatiewet is bedoeld om meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te krijgen. Dit zijn mensen die wel kunnen werken, maar daarbij ondersteuning nodig hebben.


Bronnen:

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.