Gepubliceerd op 17 juni 2019

  Leestijd: 4 minuten

Hoe voorkom ik overbelasting bij mantelzorgers van mijn cliënten?

Als wijkverpleegkundige ben je vaak een van de eersten die ziet dat een mantelzorger overbelast raakt. Je signaleert dat mensen slecht slapen, moe zijn en zich soms afreageren op de cliënt. Vanzelfsprekend is het beter preventief te werken en overbelasting te voorkomen. Hoe doe je dat?

Uit onderzoek van het SCP (De Klerk e.a., 2015) blijkt dat 10 procent van de mantelzorgers zwaarbelast of overbelast is door de mantelzorg. Een op de drie mantelzorgers geeft toe wel eens zijn geduld te verliezen tijdens de zorg en 9 procent zegt dat dit wel eens leidt tot schreeuwen of een ruwe behandeling van de cliënt. Uit ander onderzoek blijkt dat mantelzorgers 50 procent meer kans hebben op een depressie, een verhoogde kans op stoornissen van het immuunsysteem en een verhoogd risico op overlijden (Vernooij-Dassen e.a., 2010). Toch is het niet eenvoudig om mantelzorgers ervan te overtuigen dat ze delen van de zorg beter aan anderen kunnen overlaten.

Sociale afstand

De belasting van een mantelzorger heeft te maken met de persoonlijke draagkracht, maar ook met de duur, intensiteit en complexiteit van de mantelzorg. Ook de relatie tot de cliënt is belangrijk. Hoe groter de sociale afstand, hoe minder de belasting. Zorg voor een partner of kind wordt als zwaarder ervaren dan mantelzorg voor bijvoorbeeld de schoonouders.

Waardoor kan overbelasting ontstaan?

Globaal zijn er vijf verschillende vormen van belasting (Novak & Quest, 1989; Kruijswijk e.a., 2013):

  • Tijdsbelasting: de tijdsdruk die mantelzorgers ervaren doordat zij het gevoel hebben continu met de mantelzorg bezig te moeten zijn. Dit gaat niet letterlijk om het aantal uren dat mensen aan mantelzorg besteden, maar om ‘het gevoel van tijd’.
  • Ontwikkelingsbelasting: het gevoel van de mantelzorger dat hij of zij geen ruimte meer heeft om zichzelf te ontwikkelen in scholing of werk.
  • Fysieke belasting: de invloed die het zorgen heeft op de gezondheid van de mantelzorger en diens conditie en energie.
  • Sociale belasting: het gevoel van mantelzorgers dat andere sociale rollen in de knel komen, bijvoorbeeld binnen vriendschappen of het gezin.
  • Emotionele belasting: de negatieve gevoelens van mantelzorgers over de zorgontvangers en het verdriet van mantelzorgers over het ziekte(verloop) van de zorgontvanger.

Wie loopt het meeste risico?

Sommige mensen raken eerder overbelast dan anderen. Hierin zijn verschillende risicogroepen te onderscheiden (De Boer e.a., 2009; Timmermans e.a., 2005):

  • mantelzorgers van huisgenoten, omdat de zorg moeilijk af te bakenen is;
  • mantelzorgers van mensen met gedragsproblemen, omdat de zorg hier een grilliger, onvoorspelbaarder verloop kent;
  • mensen die zich gedwongen voelen mantelzorg te verlenen, omdat er geen alternatief is;
  • mensen die meerdere hulpbehoevenden helpen;
  • mensen die veel en/of veel soorten hulp bieden.

Mantelzorgondersteuning

Mantelzorgers herkennen zich vaak niet in de term ‘mantelzorg’. Dit kan één van de reden zijn voor overbelasting (De Boer & Mootz, 2010). Zij vinden het heel normaal om te zorgen voor een naast familielid. Omdat zij zichzelf niet herkennen als mantelzorger zullen zij ook minder snel gebruik maken van mantelzorgondersteuning. Voor jou als wijkverpleegkundige is het van belang preventief te werken, tijdig te signaleren en in gesprek te blijven met de mantelzorger.

Het formulier Model mantelzorgondersteuning is een instrument om in gesprek te komen met de mantelzorger en duidelijk zicht te krijgen op de situatie en de belasting van de mantelzorger. Het formulier is ontwikkeld in een samenwerkingsverband van IKNL en Expertisecentrum Mantelzorg. De uitkomst van de vragenlijst geeft aan in hoeverre de mantelzorger overbelast is en of hij ondersteuning nodig heeft. Je kunt het formulier toevoegen aan het zorgplan.

Fleur Hermans, wijkverpleegkundige team Sevenum-America:

“Bij een van mijn cliënten is de mantelzorger erg betrokken, maar heeft vaak behoefte aan gesprekje. Hier maken we in de ochtend dan ook altijd tijd voor, zodat zij haar zorgen kan uiten en daarmee weer goed de dag doorkomt. Daarnaast hebben we de mantelzorgmakelaar voor haar ingezet, zodat ze qua administratieve taken ook ontlast wordt. Hierdoor heeft mevrouw veel meer rust aan haar hoofd gekregen en kan ze er ook echt zijn voor haar man.”

 

Marieke Stijf-van Breugel, wijkverpleegkundige Icare:

“Door achter de voordeur het gesprek aan te gaan over de mogelijkheden en belemmeringen die worden ervaren door de cliënt en mantelzorger, kan ik de zorg goed indiceren maar ook bijstellen indien nodig. Wat ik regelmatig ervaar is dat een overbelaste mantelzorger of een mantelzorger met een verhoogd risico op overbelasting pas gaat praten als er wederzijds vertrouwen wordt gevoeld. Als wijkverpleegkundige heb ik die voelsprieten aan staan en kan ik die vraag stellen aan de mantelzorger hoe het met hem/haar gaat en of ik iets voor hem/haar kan betekenen. Soms is die vraag hoe het echt met iemand gaat zoveel belangrijker dan dat je elke dag je handelingen uitvoert. Het luisteren en meedenken om een mantelzorger te kunnen ondersteunen en adviseren vind ik zeer belangrijk!”