Gepubliceerd op 6 december 2021

  Leestijd: 2 minuten

Handelen in de wijkverpleging in fase 3 van de coronacrisis

Fase 3: Oftewel ‘code zwart’. Het is crisis, een noodsituatie. De overgang van fase 2 naar fase 3 wordt op landelijk niveau uitgeroepen door het ministerie van VWS. Je wordt hierover geïnformeerd door je werkgever.

In deze fase kun je geen zorg meer verlenen volgens de geldende normen met betrekking tot kwaliteit en veiligheid. Het wijkverpleegkundig proces wordt op dezelfde wijze toegepast als bij fase 2 wordt omschreven, echter alleen bij ‘urgente’ cliënten. Zie artikel ‘De minimaal vereiste zorg in de wijkverpleging tijdens de coronacrisis’. In fase 3 ziet het wijkverpleegkundig handelen er hetzelfde uit als bij fase 2.

  1. Vul de teams aan met collega’s die niet uit de wijkverpleging afkomstig zijn, zoals jeugdverpleegkundigen, kantoorpersoneel, horecamensen etc. en bied die een korte training aan. Denk van tevoren na over wat deze mensen kunnen doen, want er is niets ergers en meer zinloos dan mensen aantrekken die niets kunnen doen. Op plaatsen waar meerdere collega’s meerdere cliënten op één locatie hebben, is deze hulp makkelijker te verwezenlijken, omdat professionele collegiale ondersteuning dichtbij is. Gericht trainen op verantwoordelijkheid en de taak die ze krijgen is gewenst.

2. Onderzoek alle bestaande cliënten volgens het wijkverpleegkundig proces en de minimaal vereiste zorg. Stop ook de dringende zorg en/of organiseer de zorg anders in urgente situaties volgens het crisis-triagemodel.

Ondersteuningsvragen aan de zorgorganisatie in fase 3

  1. De focus ligt volledig op zorgverlening. Alle andere processen binnen de organisatie liggen stil, op die projecten na waarbij de wijkverpleging wordt geholpen in het handelen. Vraag ondersteunende diensten en kantoorpersoneel bij te springen in de zorg.

2. Afdeling ‘Opleiden’ geeft scholing aan niet-opgeleid zorgpersoneel die in fase 2 zijn voorbereid.

 

 

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.