Gepubliceerd op 17 juni 2019

  Leestijd: 1 minuut

Niet-gecontracteerde zorg kan ook goede zorg zijn

Sinds begin 2019 krijgt V&VN steeds meer signalen van wijkverpleegkundigen dat zorgverzekeraars de indicaties van niet-gecontracteerde zorgaanbieders in twijfel trekken, naar beneden bijstellen of afwijzen zonder een duidelijke motivatie. De afspraak is dat de wijkverpleegkundige indiceert. Waarom trekken zorgverzekeraars indicaties in twijfel?

In het Hoofdlijnenakkoord Wijkverpleging (artikel 2.3 Contractering, zie verder) is afgesproken dat de wijkverpleegkundige de inhoudelijk professional is en als enige mag indiceren. Voor de juiste zorg op de juiste plek is de wijkverpleegkundige onmisbaar. Na de signalen uit het veld is V&VN in gesprek gegaan met Zorgverzekeraars Nederland. Deze geven aan dat zij veel niet-gecontracteerde indicaties corrigeren om ‘het kaf van het koren te scheiden’. Dit heeft te maken met de praktijkvariatie die er is. Dat er verschillen zijn, is duidelijk. Dit betekent niet dat niet-gecontracteerde zorgverleners niet de juiste zorg leveren.

Afspraken Hoofdlijnenakkoord Wijkverpleging

Artikel 2.3 Contractering: “Wijkverpleegkundigen indiceren zelf. Partijen spreken af dat bij niet-gecontracteerde zorg gebruik kan worden gemaakt van een second opinion, waarbij een andere partij kan worden gevraagd de indicatiestelling opnieuw te beoordelen. Dit indien er signalen zijn dat er sprake is van een niet-passende indicatie. Partijen brengen in kaart wat de mogelijkheden zijn om deze second opinion vorm te geven.”

Second opinion

V&VN heeft de zorgverzekeraars aangeboden te helpen bij de uitwerking van de afspraak uit het Hoofdlijnenakkoord over de ‘second opinion’ bij indicaties. Ook neemt de komende tijd een aantal wijkverpleegkundigen een kijkje in de keuken bij zorgverzekeraars. Op hun beurt hebben de zorgverzekeraars beloofd te gaan kijken hoe zij op een meer zorgvuldige wijze manier hun controlerende werk kunnen doen.

Goede onderbouwing

Het advies aan wijkverpleegkundigen is: zorg er altijd voor dat je indicatie goed onderbouwd is en dat je alle relevante regels en wetten kent. Krijg je geen gehoor bij de verzekeraar: laat dan de cliënt bezwaar aantekenen bij de betreffende zorgverzekeraar. Levert dat niets op, dan kan de cliënt aankloppen bij de landelijke geschillencommissie. De volgende stap is een melding maken bij het Zorginstituut Nederland. Eind april 2019 spreekt V&VN de zorgverzekeraars weer, eind september volgt een update op dit bericht.

Bron: V&VN, 4 april 2019